Mijn naam is Joop Stokdijk en ik woon sinds 2003 aan de rand van Nieuwkoop. Ondanks, dat Nieuwkoop bij de randstad hoort, zijn de nachten hier nog redelijk donker ( in 2003,. Nu (2011) komt er toch steeds meer lichtvervuiling, vooral door het kunstlicht in de tuinbouw). Aangezien het enkele meters onder NAP ligt heb je wel snel last van grond mist. Recht omhoog heb je dan wel goed zicht, maar de lenzen beslaan dan wel snel. Je hebt dan dus wel een dauwkap en een dew remover nodig. En dan nog moet je zo nu en dan met een haarfohn de lens condens vrij maken.
Ik hou me al zo'n 40 jaar, met wisselende intensiteit, met sterrenkunde bezig. Ik ben de hobby begonnen, omdat ik zelf een kijker wilde bouwen. Ik heb toen Thieme's Sterrenboek van Bruno Ernst aangeschaft.
Hierin staat beschreven hoe je zelf een sterrenkijker kan maken, en hoe je zelf een spiegel kan slijpen. Met veel vallen en opstaan is het me toen gelukt een telescoop te maken, in dit geval een Kutter telescoop, omdat deze in het boek beschreven was. De eerste telescoop had een hoofdspiegel van 6 cm. De tweede telescoop was een 14 cm Kutter. In die tijd was het bouwen hoofdzaak en het waarnemen /fotograferen eigenlijk bijzaak.. Dit is pas later gekomen.
Later heb ik nog verschillende andere kijkers gemaakt, waaronder een 21 cm en een 25 cm Newtonkijker. Beide met een openingsverhouding van F 6. Onder de kop “Uit de oude doos “ staan opnamen van verschillende zelfgebouwde telescopen.
Ook de monteringen werden toen zelf gemaakt. Voor de aandrijving werd dan een afgedankt motortje van een 24 uurs kaartschrijver gebruikt. De freqentieregalaar heb ik toen gebouwd naar een beschrijving in het blad Zenit van Stichting “De koepel”
Tot een paar jaar terug stond het statief met de montering vast opgesteld in de tuin en moest ik altijd de kijker naar buiten sjouwen en na gebruik binnen opbergen. Zeker in de winter betekende dit dat de kijker een lange tijd nodig had om op temperatuur te komen.
In 2004 heb ik een sterrenwacht met afschuifbaar dak gebouwd, zodat de kijker altijd gebruiksklaar staat. De kijker was een Meade LX200GPS met een spiegel van 250 mm en een brandpunt van 2500 mm. De volgende stap was i.p.v. een afschuifbaar dak een koepel te bouwen en dit is verwezenlijkt in juli/augustus 2007.
Zie hiervoor de bouw van een koepel.
Sinds eind 2011 ben ik in het bezit van een 11’” Celestron Edge HD met een spiegel van 280 mm en een brandpunt van 2800 mm (opening F10) en met een focalreducer kan er met F 6,3 gewerkt worden. Ook de Hyperstar aangeschaft, zodat er ook met een opening van F2 !!! gewerkt kan worden. De belichtingstijd t.o.v. F 6,3 wordt dan met een factor 10 verminderd.
Het geheel staat op een Skywatcher EQ6 Pro montering .
Sinds 2004 ben ik met de digitale fotografie bezig. Eerst met de Coolpix 995 en later met de Canon 300D.
Het nadeel van deze camera’s is dat er veel ruis ontstaat, die dan met allerlei kunstgrepen teruggebracht moet worden tot een aanvaardbaar niveau.
Eind 2006 heb ik dan toch de knoop doorgehakt en heb, een gekoelde CCD camera aangeschaft.
Het is de SXVF-
Ook het maken van flatfields is een belangrijke stap in het maken van goede astrofoto’s.
Aangezien de lichtvervuiling ook in Nieuwkoop steeds meer toeslaat heb ik in 2011
een Monochroom camera van Atik aangeschaft, de Atik 383L+. Hiermee kan je door gebruik
te maken van de speciale filters H-
Mijn E-
